Naar de inhoud
Plantenatlas.nl

Woordenboek

Korte verklaringen van woorden die op de soortpagina's terugkomen. Geen vervanging van een wetenschappelijke flora.

E

Eenjarig
De plant kiemt, bloeit en sterft binnen één groeiseizoen. Alleen het zaad overwintert, zoals bij de grote klaproos.
Ent
Twee planten die tot één plant zijn gemaakt: de onderstam en het ras erboven. De entplaats is de verdikking laag op de stam.
Epifyt
Een plant die op een andere plant groeit zonder daar voedsel uit te halen, zoals veel orchideeën.

T

Tweejarig
De plant maakt het eerste jaar een rozet en bloeit het tweede jaar, zoals vingerhoedskruid.
Tweehuizig
Mannelijke en vrouwelijke bloemen staan op aparte planten, zoals bij hulst en taxus.

V

Vaste plant
De plant leeft meerdere jaren. Vaak sterft het blad in de winter af terwijl de wortels blijven.

H

Heester
Een houtige plant die zich vanaf de grond vertakt, zonder één duidelijke stam. Een struik.
Halfheester
De plant verhout deels, zoals lavendel. Het jonge deel kan invriezen terwijl de basis blijft.
Handvormig
De nerven of lobben ontspringen vanuit één punt, zoals bij esdoorn.
Hartvormig
Het blad heeft een inkeping bij de steel, zoals bij hosta en linde.
Hechtwortel
Een wortel waarmee een klimmer zich vastzet, zoals klimop. De plant voedt zich daar normaal niet mee.
Halfschaduw
Een plek met een deel van de dag zon, of gefilterd licht onder een open kroon. Geen diepe schaduw.
Humus
Verteerd organisch materiaal in de bodem. Het houdt vocht vast en maakt zware grond luchtiger.

B

Boom
Een houtige plant met meestal één stam en een kroon. De grens met een struik is in de tuin vaak een keuze van snoei.
Bladverliezend
Het blad valt in de herfst of winter af. De plant is niet dood.
Bol
Een ondergrondse voorraad van verdikte bladbases, zoals bij tulp en narcis.
Bestuiving
Het overbrengen van stuifmeel naar de stempel, waarna zaad of vrucht kan ontstaan. Veel fruitrassen hebben een ander ras nodig.

W

Wintergroen
Het blad blijft in de winter zitten, zoals bij hulst, klimop en taxus.
Wortelstok
Een ondergrondse stengel waaruit nieuwe scheuten komen, zoals bij lelietje-van-dalen.
Winterhard
De plant overleeft de winter buiten in het klimaat waar het etiket op doelt. In Nederland telt ook de natheid van de grond.
Waardplant
De plant waarvan een insect eet of waarop het zijn eieren legt, zoals jacobskruiskruid voor de sint-jansvlinder.

I

Inheems
De soort hoort van nature in het betreffende gebied thuis. Aangeplant of ingezaaid is niet hetzelfde als wild.
Invasief
Een uitheemse soort die zich zo sterk uitbreidt dat andere soorten worden verdrongen. Niet elke exoot is invasief.
Iepenziekte
Een schimmel die iepen verwelkt, verspreid door kevers. Aangetast hout hoort niet naast gezonde iepen te blijven liggen.

S

Stinzenplant
Een voorjaarsplant die bij oude buitenplaatsen is aangeplant en daar is verwilderd, zoals het sneeuwklokje.
Schutblad
Een blad bij de bloem dat zelf op een bloemblad lijkt, zoals het witte blad van de lepelplant.
Samengesteld blad
Een blad dat uit meerdere deelblaadjes bestaat, zoals bij es, vlier en lijsterbes. Het geheel valt als één blad af.
Standplaats
De combinatie van licht, wind, vocht en beschutting op de plek waar de plant staat.
Snoeigroep
Bij clematis: het moment en de diepte van snoei, afhankelijk van of de plant op oud of jong hout bloeit.
Spore
Het voortplantingsmiddel van varens en mossen. Geen zaad en geen bloem.
Stek
Een stuk stengel, blad of wortel dat uitgroeit tot een nieuwe plant met dezelfde eigenschappen als de ouder.
Schijnvrucht
Een vrucht waarbij het vlezige deel niet alleen uit het vruchtbeginsel bestaat. De vijg is er een voorbeeld van.
Scherm
Een bloeiwijze waarbij de bloemstelen uit één punt komen en een plat vlak vormen, zoals bij fluitenkruid.

U

Uitlopers
Scheuten die over of onder de grond nieuwe planten maken, zoals bij maagdenpalm.
USDA-zone
Een indeling op gemiddelde minimumtemperatuur. Nederland valt grofweg in de zones 7 en 8. De zone zegt niets over natte klei.

K

Knol
Een verdikte stengel of wortel zonder de lagen van een bol, zoals bij krokus en dahlia.
Katje
Een hangende of opstaande bloeiwijze met veel kleine bloemen, zoals bij berk, els en hazelaar.
Knotten
Terugsnoeien tot een verdikte kop, zoals bij een knotwilg, waarna nieuwe loten uitlopen.
Kleinfruit
Bessen, bramen, frambozen en druiven: houtige planten die kleiner blijven dan een appel- of perenboom.

O

Onderstam
De wortels en stamvoet waarop een fruitras is geënt. De onderstam bepaalt hoe groot de boom wordt.

G

Gelobd
De bladrand heeft diepe insnijdingen die niet tot de middennerf gaan, zoals bij eik en klimop.
Gezaagd
De bladrand heeft tanden die naar de bladtop wijzen, zoals bij een roos.
Gaafrandig
De bladrand is glad, zonder tanden, zoals bij de beuk.

L

Lancetvormig
Het blad is veel langer dan breed en loopt spits toe.
Leiboom
Een boom waarvan de takken in een plat vlak worden geleid, vaak tegen een muur of langs draden.

D

Doorn
Een scherpe, verhoute punt die uit de stengel zelf komt, zoals bij meidoorn. Een stekel van een roos zit meer op de opperhuid.
Droogtetolerant
De gevestigde plant overleeft een periode zonder regen. Jonge aanplant heeft vaak alsnog water nodig.
Drainage
De mate waarin water wegloopt. Slechte drainage betekent een bodem die na regen lang nat blijft.

P

pH
De zuurgraad van de bodem. Lage pH is zuur, hoge pH is kalkrijk. Hortensia's laten dat soms in hun kleur zien.

M

Mulch
Een laag organisch materiaal op de bodem, zoals blad of compost, die uitdroging en dichtslaan remt.

C

Calciumoxalaat
Kristallen in onder meer aronskelkachtigen. Ze veroorzaken irritatie bij kauwen. Veel kamerplanten bevatten ze.
Cultivar
Een gekweekte selectie met een naam tussen aanhalingstekens, zoals een druif Boskoop Glory. Een zaailing lijkt er niet automatisch op.

A

Afharden
Een plant die binnen stond, over een paar dagen aan buitenlicht en wind wennen voor je haar definitief buiten zet.

Z

Zuurminnend
De plant wil een lage pH. Blauwe bes en rododendron horen daarbij. Kalk en hard leidingwater werken tegen.

J

Juglon
Een stof uit wortels en blad van de walnoot die de groei van veel andere planten remt.